Canonlo

Crum, Bart

Een leven lang op het hoogste niveau meegespeeld

Bart Johan Crum werd op 14 maart 1939 in Heelsum geboren. Hij trouwde in 1966 met Joop Haverman, met wie hij twee kinderen kreeg.
Crum's, niet in alle opzichten even onbezorgde, naoorlogse jeugd was er een met veel buitenspelen en vooral heel veel korfballen: hij speelde op het hoogste niveau, bij DKOD (De Korf Ons Doel).
In 1956 koos hij voor de Landbouwhogeschool in Wageningen, eigenlijk zonder goede reden. Hij stapte dan ook al snel, eveneens gebaseerd op toevalligheden, over naar de CALO (Rotterdam/Arnhem 1957-1961). Dat pakte beter uit: ook in de wereld van de lichamelijke opvoeding zou Crum na korte tijd al op het allerhoogste niveau meespelen.

Gegrepen door Gordijn
Tijdens zijn CALO-tijd werd hij gegrepen door het charisma van rector C.C.F. Gordijn. Na de vervulling van de militaire dienstplicht (sportofficier) volgde de studie pedagogische en andragogische wetenschappen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam (1963-1968). Gordijn was daar net parttime lector in de leer van het menselijk zich bewegen geworden. Naast zijn studie werkte Crum als parttime gymleraar, sportleider, korfbaltrainer en jeugdleider. Hij was van 1966 tot 1971 deeltijddocent aan de CALO.

Interfaculteit Lichamelijke Opvoeding
Crum was de eerste student die aan de VU bij Gordijn afstudeerde. Hij werd ook zijn eerste medewerker en bereidde samen met hem en prof. dr. R. Rozendal de oprichting van de Interfaculteit Lichamelijke Opvoeding (IFLO) voor. Vanaf 1971 kreeg hij de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van het onderwijs- en onderzoeksprogramma ' didactiek bewegingsonderwijs

Didactiek bewegingsonderwijs

De sectie didactiek van het bewegingsonderwijs heeft vanaf het midden van de zeventiger jaren zowel door het publicistisch werk van haar medewerkers als door haar afgestudeerden (die bijvoorbeeld als academiedocent of SLO-medewerkers gingen functioneren) een herkenbare invloed uitgeoefend op ontwikkelingen binnen de lichamelijke opvoeding en het sportopleidingswerk.
' en enkele jaren later ook voor de ontwikkeling van het programma 'sport en beleid'.
In 1971 manifesteerde Crum zich als sportcriticus: hij richtte de Werkgroep Sportkritiek op, hetgeen onder meer resulteerde in de publicaties Keerpunt in Sport en Topsportkritiek.

Toen Gordijn in 1974 plotseling met vervroegd emeritaat ging, werd Crum gekozen tot waarnemend voorzitter van de vakgroep Bewegingsagogiek binnen de IFLO. Hij was tevens een aantal jaren lid van het faculteitsbestuur.
Het onderwijs- en onderzoekswerk van Crum richtte zich met name op curriculumontwikkeling, legitimatie en doelstellingen van bewegingsonderwijs, de opleiding van leerkrachten en sportleiders, professioneel denken en handelen van leerkrachten, recreatiesport en veranderingen in de bewegingscultuur. Hij promoveerde (1978) in de sociale wetenschappen op het proefschrift Aan sport georiënteerd bewegingsonderwijs - in het spanningsveld van aanpassing en kritiek.

Bestuurder en adviseur
Crum vervulde meerdere bestuurs- en adviesfuncties. Zo was hij van 1973 tot 1979 lid van diverse adviescommissies voor (recreatie)sportbeleid van het ministerie van CRM. Halverwege de jaren 70 was hij gedurende enkele jaren lid van de Raad voor de Jeugdvorming, het hoofdbestuur van de AMVJ en het curatorium van Vrij Nederland. Van 1982 tot 1985 was hij lid en rapporteur van de adviescommissie 'Sport en lichamelijke opvoeding' van de ministeries van WVC en Onderwijs (de zgn. 'Commissie Van Doorn' ).

Freelancer
Aan de VU-loopbaan van Bart Crum kwam in 1989 een einde tengevolge van een herstructurering van de, inmiddels, Faculteit Bewegingswetenschappen en de opheffing daardoor van de programma's 'didactiek bewegingsonderwijs' en 'sport en beleid'.
Hij verrichtte sindsdien als 'freelancer' tal van uiteenlopende onderzoeksopdrachten, onder meer van de SLO, het ministerie van WVC/VWS en de Commissie Schoolzwemmen. Uit een van de opdrachten van WVC kwam het veel aangehaalde Over de versporting van de samenleving voort. Voorts was hij van 1992 tot 1997 parttime werkzaam aan 'de Katholieke Universiteit Brabant (KUB)'.

Vakinhoudelijk stempel
Crum was een kritische, gedreven, vaak spraakmakende, maar zeker ook toonaangevende wetenschapper. Helaas - voor hem, maar ook voor de ontwikkeling van de didactiek in Nederland - werd dat onvoldoende onderkend. Hij heeft, zowel in de VU-periode als daarna, een belangrijk vakinhoudelijk stempel gedrukt op de ontwikkeling van de lichamelijke opvoeding en de sport in Nederland. Maar hij mocht zeker ook veel buitenlandse erkenning ervaren. Hij was van 1977 tot 1984 lid van de redactie van het Westduitse Sportpädagogik. Van 1998 tot 2006 was hij lid van het bestuur van AIESEP (International Association for Sport Pedagogy) en tussen 1994 en 2004 maakte hij deel uit van de 'review board' van vier buitenlandse vaktijdschriften, resp. Journal of Teaching in PE (USA), European Journal of PE (UK), European Physical Education Review (UK) en International Journal of PE (Dld). Hij was gastdocent aan een groot aantal buitenlandse universiteiten.

Crum publiceerde veel en was een veelgevraagd spreker: er staan 243 publicaties op zijn naam (waarvan meer dan de helft in een vreemde taal) en hij ontving 127 buitenlandse invitaties.
Hij werd in 2004 tijdens een speciaal voor hem georganiseerd symposium ter gelegenheid van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd benoemd tot erelid van de KVLO.

Auteur: Harry Stegeman