Canonlo

2005

2006

2007

HAN-ALO

Na ruim een halve eeuw de zesde lerarenopleiding lichamelijke opvoeding (Arnhem-Nijmegen)

Ontstaan
Ontwikkelingen in de maatschappij, de regio en de eigen instelling leidden ertoe dat de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) in 2006 de zesde door de overheid erkende en bekostigde opleiding tot eerstegraads leraar Lichamelijke Opvoeding startte.

Interne inbedding
De HAN had al eerder de toegevoegde waarde van bewegen en sport ontdekt en in opleidingen

Opleidingen

Dat gebeurde vanuit de faculteit Gezondheid, Gedrag en Maatschappij, onder andere in de opleidingen Fysiotherapie en Voeding & Diëtetiek.
en beroepsprofielen ingebouwd. Onder de toenmalige faculteitsdirecteur Bart van Bergen werd expliciet gekozen voor uitbreiding van haar aanbod gericht op SB-specifieke beroeps- en functieprofielen, onderzoekstrajecten en dienstverlening. Van Bergen, een gezondheidszorg- en welzijnssocioloog, was een visionair en vond in Tjeerd de Jong een bevlogen kartrekker.

Paradigmashift basis voor (ver)nieuwe(nde) opleidingen
In 1999 werd HAN-Seneca opgericht, een multidisciplinair expertisecentrum voor sport en gezondheid. Een nieuw ontwikkeld perspectief

nieuw ontwikkeld perspectief

Het perspectief was: gezondheids- en welzijnsbevordering via gedragsverandering door de betrokken mensen zelf. Ook de daarbij ontwikkelde methoden richtten zich op het zelfregulerend vermogen en de eigen verantwoordelijkheid van mensen.
leidde binnen Seneca tot een 'cascade' van initiatieven en vernieuwingen. Vanuit projecten met scholen constateerde men dat lichamelijke opvoeding nauwelijks een verband had met relevante samenlevingsvraagstukken op het gebied van gezondheid en vrije tijd. Zodoende werd in 2002 gestart met de initiële opleiding Sport, Gezondheid, Management (SGM). Al snel daarna werden de contouren van een regionaal kennis- en expertisecentrum sport en bewegen zichtbaar en in 2005 zag het Instituut voor Sport- en BewegingsStudies (ISBS)

Instituut voor Sport- en BewegingsStudies (ISBS

Kenmerkend voor het ISBS is haar visiegedreven cultuur en strategie. Zo formuleerde zij als collectief gewaagd doel: ‘in 2016 is ISBS het euregionaal kenniscentrum op het gebied van sport, bewegen en gezondheidsbevordering’. Het ISBS kent naast onderwijsteams zogenaamde kennisteams die in principe betrekking hebben op al haar opleidingen. De zes kennisteams zijn gericht op toegepast wetenschappelijk onderzoek, promotieonderzoek, afstudeerprojecten en versterking van de inhoudelijke kwaliteit van het onderwijs.
het levenslicht.

HAN-ALO: regionaal, maatschappelijke nodig en haalbaar
Voor de HAN stond de toenemende ernst en omvang van de gezondheids- en welzijnsproblematiek

welzijnsproblematiek

Als gevolg van de toenemende bewegingsarmoede en het onvermogen van veel jeugdigen tot een actieve, zinvolle vrije tijdsbesteding.
van de jeugd vast, alsmede de sleutelrol die de leraar LO daarbij zou kunnen vervullen.
Onderzoeken naar de arbeidsmarktontwikkeling en de toestroom van studenten lieten zien dat een opleiding tot leraar LO haalbaar was en voor Midden-Oost-Nederland in een behoefte zou voorzien. Zo werd in 2006 de HAN-ALO 'geboren'

in 2006 de HAN-ALO ‘geboren’

Dat gebeurde vanuit de positief kritische onderzoekstocht die startte met de oprichting van Seneca in 1999.
.

'LO nieuwe stijl': verbinding en integratie van oude LO en sport
HAN-ALO vond inspiratie in ontwikkelingen vanaf midden jaren tachtig

ontwikkelingen vanaf midden jaren tachtig

Denk daarbij met name aan de bevindingen en conclusies van Jeugd in Beweging (1985), de uitwerkingen daarvan in de initiatieven vanuit het project ‘School & Sport’, het stimuleringsbeleid vanuit de Alliantie School & Sport, en beleid rondom de sportieve driehoek Buurt-Onderwijs-Sport.
en stelt dat LO en sport, in de beroepsuitoefening van de leraar LO, twee kanten van één medaille zijn geworden. In het curriculum wordt deze transformatie naar 'LO nieuwe stijl' vormgegeven. De oriëntatie van de (toekomstige) leraar LO is daarom zowel binnen als buiten de lessen en de school. HAN-ALO maakt de leraar LO tevens bekwaam als 'bewegingsmanager'.

Toepassingsgericht wetenschappelijke oriëntatie als kernopdracht
Als onderdeel van een applied university wil de HAN-ALO het beroep van leraar LO evidence based

evidence based

Een succesvolle leraar LO weet, op basis van de meest actuele informatie over doelmatigheid en doeltreffendheid, zijn of haar leerlingen in beweging te krijgen en te houden. Dat moet bovendien afgestemd zijn op de specifieke context, de situatie en de groep kinderen/jongeren.
maken. Het beroepsgericht onderzoek is de linking pin tussen zuiver wetenschappelijk onderzoek en de dagelijkse praktijk. Studenten en afgestudeerden dienen thuis te zijn in toepassinggericht wetenschappelijk onderzoek en moeten vanuit een academische grondhouding de inzichten en resultaten toepassen in programma's en lessen.

Gezondheidswaarde LO en herkennen ontwikkelen van sportief talent
HAN-ALO besteedt integraal aandacht aan bewegen, sport, voeding en leefstijl. Afgestudeerden kunnen, op het terrein van gezondheid, een bijdrage leveren aan een bewustwordingsproces en duurzame gedragsverandering van leerlingen.
Docenten LO vervullen ook een rol in het herkennen en begeleiden van jongeren met bovenmatig bewegingstalent. Een en ander staat, met name richting topsport, nog in de kinderschoenen. Daarom hebben het kennisteam 'talentontwikkeling' en het lectoraat 'Herkennen en ontwikkelen van sporttalent' een aantal onderzoekthema's

onderzoekthema’s

Deze thema’s zijn:
  • De rol van vakdocenten LO in het herkennen van jeugd met bovenmatig bewegingstalent;
  • De profilering van geschiktheid van kinderen voor verschillende typen sport;
  • Het verbeteren van bewegings- en cognitieve vaardigheden van kinderen met bovenmatig bewegingstalent (ontwikkelen en evalueren van programma’s);
  • De kenmerken van succesvolle begeleiding van kinderen met bovenmatig bewegingstalent.
geformuleerd. Deze thema's komen ook aan bod in de minor Sports performance enhancement en in afstudeerprojecten.

HAN-ALO stevig ingebed
Begonnen in 2006 is de HAN-ALO een onlosmakelijk onderdeel van het ISBS en van de euregio. Bij de start in 2002 had het ISBS 80 SGM-studenten, anno 2011 was dat opgelopen tot 2.000, waarvan 750 ALO-studenten. De opleiding wordt verzorgd op twee locaties: Nijmegen en het Nationaal Sportcentrum Papendal in Arnhem.
Lectoraten

Lectoraten

Lectoraten zijn vlak na de laatste eeuwwisseling ontstaan om te voorzien in de toenemende behoefte aan praktijkrelevante wetenschappelijke kennis, en daarmee bij te dragen aan de onderbouwing van de hbo-curricula. Juist voor de Lichamelijke Opvoeding een zeer wenselijke ontwikkeling, omdat het in tegenstelling tot andere schoolvakken in Nederland geen plaats heeft aan universiteiten.

Het lectoraat Sport, voeding en leefstijl (gestart in 2007) werkt samen met het Wageningen University & Researchcentre (WUR). Het lectoraat richt zich op gezondheidsbevordering en preventie van ziekten (zoals overgewicht) alsmede het leveren van een bijdrage aan prestatiebevordering in de sport.
De lectoren

De lectoren

Vanaf de oprichting zijn dat dr. ir. Gertjan Schaafsma en dr. Victor V.A.M. Schreurs.
en de leden van de kenniskring verrichten onderzoek, ontwikkelen nieuwe kennis en zorgen voor toegankelijkheid en verspreiding van kennis op dit gebied. Dat gebeurt ten behoeve van en in samenwerking met de ALO en de (toekomstige) leraren LO. Binnen het lectoraat opereren de kennisteams 'Health Promotion en Leefstijl', 'Health & Performance' en 'Sport en Voeding'.
Het lectoraat Herkennen en ontwikkelen van sporttalent (gestart in 2011) heeft als hoofddoel het verbeteren van de processen van 'herkennen en ontwikkelen van sportief talent'. Hiertoe wordt hoogwaardig wetenschappelijk onderzoek met een duidelijke vertaalslag naar de praktijk opgezet en uitgevoerd, onderwijs ontwikkeld en verzorgd en tevens worden diensten verleend aan werkveld en samenleving.
Externe links

Auteur: Tjeerd de Jong