Canonlo

'Vakconcepten'

(Venster: De bijdrage van Harry Stegeman aan de ontwikkeling van de lichamelijke opvoeding)

Uitgaande van het biologische vakconcept dienen de lessen gericht te zijn op verbetering van de conditie en de motorische grondeigenschappen bij leerlingen. Er wordt gesproken over lichamelijke oefening en de leraar wordt als trainer getypeerd.
In het bildungstheoretische concept wordt de pedagogische waarde van het vakgebied benadrukt. Het vak wordt aangeduid met ‘lichamelijke opvoeding’. Aanhangers van dit gedachtegoed zijn in de veronderstelling dat binnen een pedagogische enscenering allerlei positieve effecten zoals karaktervorming, creativiteit, doorzettingsvermogen et cetera, vanzelf komen. Deze leraar, die het plezier beleven aan bewegen en sporten van zijn leerlingen op de voorgrond plaatst, wordt als entertainer getypeerd.
Uitgaande van het gedragtheoretische of leertheoretische concept is onderwijzen een techniek om bij leerlingen gedragsveranderingen te bewerkstellingen. Het gaat om efficiënte leerprocessen die door het onderwijs gestuurd moeten worden. Aanhangers van dit sportsocialisatieconcept leggen de nadruk op het toerusten van leerlingen voor de sportcultuur. De inhouden komen uit de sport en het vak wordt bij voorkeur met het begrip sportonderwijs of kortweg sport getypeerd.
In het handelingstheoretisch concept wordt bewegen als handelen omschreven. Bewegingsgedrag wordt gezien als intentioneel, betekenisvol en door regels geleid. Onderwijzen van bewegen is dan het introduceren van leerlingen in een veranderende bewegingscultuur. Het gaat erom dat leerlingen bewegingsbekwaamheden en andere vaardigheden verwerven, zodanig dat zij zich verantwoord en kritisch een weg weten te vinden in de pluriforme bewegings- en sportwereld. Als de nadruk in deze onderwijsopvatting ligt op de persoonlijke bewegingsontplooiing, dan leidt dit tot wat een personalistisch concept genoemd wordt. Als de nadruk meer ligt op een kritische houding ten opzichte van de maatschappelijke status quo, dan wordt meestal gesproken van een kritisch-constructief vakconcept. Aanhangers van deze richtingen noemen het vak bij voorkeur bewegingsonderwijs.
Zowel de vertegenwoordigers van het gedragstheoretische als van het handelingstheoretische vakconcept zien bewegen & sport als een onderwijsleergebied.